Facebook

Spraak bij jonge kinderen

Soms is een kind niet goed verstaanbaar voor zijn of haar omgeving omdat het bijvoorbeeld moeite heeft met de uitspraak van bepaalde klanken. Dit kan verschillende oorzaken hebben. De problemen met de verstaanbaarheid kunnen leiden tot moeilijkheden in de communicatie met de omgeving. Dit kan bij het kind reacties oproepen als frustratie of boosheid. Andere kinderen kruipen in hun schulp of gaan communicatie uit de weg.

Wat doet de logopedist?

Voor een goede ontwikkeling is het heel belangrijk dat kinderen duidelijk kunnen maken wat ze willen zeggen of wat ze bedoelen. De logopedist kan helpen om de verstaanbaarheid te vergroten. Dit doet ze door onderzoek te doen en gerichte oefeningen en adviezen voor thuis te geven.


Stotteren

Stotteren is niet-vloeiend spreken. Dit kan zich op verschillende manieren uiten:
• Door snelle meervoudige herhaling van een klank (de k-k-k-koekjes)
• Door snelle meervoudige herhaling van een lettergreep (her-her-her-halen)
• Door snelle meervoudige herhaling van een éénlettergrepig woord (de-de-de man)
• Door snelle meervoudige klankinterjectie. Dit is het toevoegen van klanken (ik eh-eh-eh-eh moet)
• Door het verlengen van een klank (vvvvvvv-verlengen)
• Door een blokkade met hoorbare en zichtbare spanning (ik ben b–pauze–boos)

Daarnaast kunnen er tijdens het spreken zichtbare veranderingen zijn van het lichaam, zoals spierspanning in het gezicht, het knipperen met de ogen of onverwachte bewegingen met het lichaam of delen van het lichaam. Over het algemeen wordt stotteren veroorzaakt door een combinatie van een zwakke aanleg voor het plannen van spraakbewegingen, en omgevingsfactoren (bijv. spanning door een ingrijpende gebeurtenis, de verjaardag van het kind of Sinterklaas). De mate van stotteren kan per dag, per moment of per situatie sterk verschillen. Iedereen die stottert, doet dit op zijn of haar eigen manier. Over het algemeen zal een stotteraar zijn best doen om niet te stotteren. Hij of zij kan daarvoor trucjes gebruiken zoals het kiezen van een ander woord of het gebruiken van een stopwoord. Ook kan het voorkomen dat het spreken op zich wordt vermeden.

Bij veel jonge kinderen gaat het stotteren vanzelf weer over. Het leren spreken is een intensieve bezigheid: veel processen vinden tegelijkertijd plaats. Het is dus heel normaal als uw kind in de peuterleeftijd wel eens woorden herhaalt tijdens het spreken. Wanneer u twijfelt over het spreken van uw kind, kunt u op deze website de screeningslijst voor stotteren (SLS) invullen. Deze vindt u bij ‘links’. Met behulp van deze lijst kan bekeken worden of het nodig is om naar de logopedie te komen.

Wat doet de logopedist?

Bij jongere kinderen zal de behandeling zich vooral richten op het geven van adviezen aan ouders en andere mensen in de directe omgeving van het kind. Bij wat oudere kinderen, jongeren en volwassenen zal de therapie zich meer richten op de factoren die de stotterproblemen beïnvloeden, zoals gedachten, gevoelens en omgevingsinvloeden. Ook kunnen spreektechnieken aan bod komen om het spreken meer vloeiend te laten verlopen. In bepaalde gevallen kan de logopedist ervoor kiezen om u door te sturen naar een stottercentrum.


Dysartie

Dysartrie is een spraakstoornis die wordt veroorzaakt door een beschadiging van het
zenuwstelsel. Hierdoor werken spieren die nodig zijn voor de ademing, de stemgeving en de uitspraak onvoldoende. Oorzaken van dysartrie zijn bijvoorbeeld een beroerte (CVA), een hersentumor, een ongeval, een spierziekte, A.L.S. of een neurologische aandoening (zoals de ziekte van Parkinson). Deze aandoeningen zullen voornamelijk oudere mensen treffen,
maar ook bij jongeren kan een dysartrie ontstaan.

De communicatie bij mensen met dysartrie wordt bemoeilijkt, omdat ze moeilijk te verstaan zijn. Dit kan komen door een onduidelijke uitspraak, een te zachte en/of hese stem, eentonig of nasaal (door de neus) spreken of een combinatie hiervan. Bij dysartrie ten gevolge van een CVA is er vaak sprake van een verlamming aan één kant van het gezicht, waardoor de mimiek verandert. Tevens kan hierdoor speekselverlies optreden. Ook kunnen er slikproblemen ontstaan.

Wat doet de logopedist?

De logopedist zal onderzoek doen naar het gevoel en het functioneren van de spieren in het gezicht. Ook wordt de stem en de verstaanbaarheid beoordeeld. De behandeling zal er op gericht zijn de verstaanbaarheid te verbeteren. De patiënt wordt geleerd optimaal gebruik te maken van zijn mogelijkheden. In het algemeen wordt vanuit een juiste, symmetrische lichaamshouding aandacht besteed aan de mondmotoriek (zowel van belang bij het eten en drinken als bij het spreken), de uitspraak, de ademing en de stemgeving. Er worden adviezen gegeven aan de patiënt en zijn directe omgeving. De resultaten van de behandeling zijn mede afhankelijk van de ernst en de aard van de ziekte of aandoening. Als blijkt dat de patiënt ook met logopedische behandeling niet tot verstaanbaar spreken komt, zal de logopedist met de patiënt een geschikt communicatiemiddel zoeken. Dit kan een gebaren- of tekensysteem zijn of een elektronisch communicatiehulpmiddel.


Verbale apraxie

Verbale apraxie is een articulatiestoornis die wordt veroorzaakt door een hersenbeschadiging. Bij alle handelingen die u uitvoert (aankleden, scheren, lopen, fietsen, spreken enzovoorts) gebruiken onze hersenen vaste schema’s. Door deze schema’s weet u in welke volgorde u een handeling moet uitvoeren. Hier hoeft u dan niet meer bij na te denken. Bij verbale apraxie kan het schema voor het programmeren van de spraak niet meer goed worden gebruikt. De spieren werken dus nog goed, maar het bewust aansturen hiervan geeft problemen. Het meest opvallende kenmerk bij verbale apraxie is dat het bewust vormen van woorden en klanken gestoord is, terwijl het automatisch spreken beter verloopt. Het zijn hierbij niet altijd dezelfde woorden of klanken die problemen geven. Het correct uitspreken van de woorden wordt hierdoor bemoeilijkt. Verbale apraxie gaat vaak samen met een mondapraxie. Er is dan sprake van een stoornis in het bewust aansturen van de tong-, lip- en mondspieren. Onbewuste bewegingen van het mondgebied (bijvoorbeeld de tong uitsteken om de lippen te bevochtigen) geven bij een mondapraxie geen problemen, maar het bewust uitvoeren van opdrachten geeft wel problemen (bijvoorbeeld als iemand u vraagt om uw tong uit te steken). Verbale apraxie kan voorkomen in verschillende gradaties. Zo kan het zijn dat er geen woord meer uitgebracht kan worden. Anderen merken alleen dat er problemen zijn bij het uitspreken van bepaalde woorden of in bepaalde situaties.

Wat doet de logopedist?

De logopedist voert een onderzoek uit naar de beweging van de spieren van mond en tong, de spraak en de verstaanbaarheid. Ook geeft de logopedist informatie en adviezen over verbale apraxie en hoe u of uw familielid samen beter kunnen communiceren. Daarnaast doet de logopedist oefeningen om de spraak te verbeteren.